<

Van luxe wagens naar diervervoer

Share
van luxe wagen naar diervervoer

Regelmatig zie je kamelen op een open wagen voor je rijden (by Me over ME)

17 Jaar geleden reed ik voor het eerst over de E11, de snelweg die als een slagader de stad doorkruist.  Ik dacht in een autoshowroom te zijn beland. Nog nooit had ik zoveel grote terreinwagens en luxe wagens bij elkaar gezien. Ik werd ingehaald door gladgestreken Lamborghinis, Porches in uitdagende rode lakverf,  dorstlustige woestijnmonsters zoals de Lexus Landcruisers en de Patrol,  en de grootste auto van dat moment, de Nissan Armada. Er schoot zelfs een Bentley met open dak voorbij, gevolgd door een witgouden Mercedes.

Gastarbeiders

Tussen al deze indrukwekkende bolides reden pick-ups waarop gastarbeiders van verschillende komaf werden vervoerd. Chinezen, Afghanen, Pakistanen en Indiërs hielden hun handen stevig omklemd om de ijzeren stangen die op de laadbak waren bevestigd. Hun ruggen in grauwe overalls of traditionele kleding gebogen van vermoeidheid. Ze staarden met een levenloze blik naar de chauffeurs in de bumperklevende auto’s achter hen, smachtend naar een teken van begrip of dromend van een beter leven. De van zweet en vuil doordrenkte doeken om hun hoofden tegen de hitte van de immer stralende zon wapperden als kleurrijke vlaggen in de wind.
Tegenwoordig worden de arbeiders niet meer in pick-ups vervoerd, maar in grote bussen waar zwarte rookpluimen onderuit komen. Er rijdt dan ook niemand meer achteraan.

Vervoer van dieren

van luxe wagens naar diervervoer by meoverme.com

Gelukkig stond deze stier wel goed vast (by Me over ME)

De pick-ups worden alleen nog gebruikt voor het transport van goederen. En voor het vervoer van dieren. Voor geitjes en schaapjes, die als een lappendeken de laadbak bedekken. En voor kamelen, die met hun lange zwarte wimpers en grote neusgaten boven het kleurig versierde hek uitsteken.

Ooit hebben we twee uur lang over een smal steil bergweggetje achter een stier aan gereden. Bij iedere bocht of hobbel schudde de laadbak heen en weer. Het geluid van schurend metaal en rammelende kettingen echoden door de bergen. Het arme beest had zich omgedraaid en keek ons met grote angstige ogen aan, zijn kop wanhopig tegen de spijlen aangedrukt om zijn balans niet te verliezen. We hoopten dat de weg snel zou eindigen. Niet alleen omdat we medelijden hadden met het imposante dier,  maar vooral omdat we bang waren dat de achterklep het zou begeven.

Plastic

Het beeld van edele woestijnschepen op een laadbak is voor ons normaal geworden. Alleen als ik bezoek heb neem ik gas terug. Voor hen is het immers een bijzonder fotomoment. Totdat ik laatst door een dorp reed, ergens aan de rand van de woestijn. In de verte voor mij reed een blauwe pick-up truck die een lichtbruine kameel vervoerde. Terwijl de chauffeur een smalle zandweg indraaide, klonk vanaf de achterbank plots een luid gejoel: “Mama, rijd eens door! Dit moet je zien!”

vervoer plastic kameel

Links van de kameel zitten twee dames in abaja (by Me over ME)

Verbaasd door de reactie van mijn kinderen drukte ik het gaspedaal dieper in, mijn blik gericht op de achterbak voor mij. Zag ik naast die kamelen nou een bedoeïenenvrouw in een zwarte abaja zitten? Ze leek net als de gastarbeiders levenloos voor zich uit te staren. Ik graaide naar mijn fotocamera en stuurde mijn auto behendig door het mulle woestijnzand. Grote wolken stof draaiden als spiralen achter ons aan.

Maar toen ik het voertuig op enkele meters was genaderd en zag waar ik achteraan reed, trapte ik zo hard als ik kon op de rem. Een grote hap zand schoot onder de wielen omhoog en viel als een dikke mist over de voorruit. Via de achteruitkijkspiegel keek ik quasi boos naar mijn kinderen. Die lagen te rollen over de bank van het lachen. “Gefopt, mam! Ze zijn niet echt. Ze zijn van plastic!”

 

 

 

Geef een reactie